Logo UVC Utrecht
Zoek:  go
 print

.

In niemandsland

Het einde van de zwangerschap nadert. Inmiddels zijn termen zoals ‘hoogzwanger’ en ‘op alledag’ van toepassing op mijn meisje. Voorheen betrof dat altijd anderen, tegenwoordig lopen we zelf op alledag.

Kortgeleden lijkt het nog maar; het moment waarop een zwangerschapstest uitwees dat wij mogen verwachten. We zwegen tot twaalf weken. We broedden op namen. Ruzieden over een kinderkamer. Vertrokken nerveus naar de twintigwekenecho. Sloegen aanbiedingsluiers in, werkten andere koopchecklists af.

Volle maan
Dé datum is slechts enkele dagen verwijderd. Mijn meisje loopt schommelend, haar navel puilt uit. Bekkenpijn, rugpijn, beenpijn. Knellende kleding. Zelfs de overburen vragen wanneer het zover is. Het geboortekaartje is ontworpen, de babykamer is klaar. Wachten op weeën dus.

Afspraken maken we onder voorbehoud. We hebben ook al besproken welke geboortedata mooi zouden zijn. We lazen over sterrenbeelden, al zijn we niet zo astrologisch. Dit moet de maand zijn waarin het gebeurt. Dat geeft ons een raar gevoel. Mijn meisje let op voortekens, aanwijzingen dat de bevalling zich aandient: van volle maan tot poetswoede.

In afwachting van weeën en geboorte wandelen we door het niemandsland tussen zwangerschap en ouderschap. We zijn nóg zwanger, morgen misschien niet meer. Er zijn veel laatste keren met z’n tweeën met eerste keren gedrieën in het vooruitzicht. Het is een onwerkelijk gebied, dat niemandsland.

Jesse Pouw, 10 oktober 2009


terug